• De echte djihaad is die tegen het beest in jezelf.

al-ghazali.jpg’Djihaad’, dat is de heilige oorlog ter verdediging van de Islam. Maar naast die ’kleine’ djihaad bestaat de ’grote’ djihaad, de persoonlijke strijd tegen lusten en driften. Drie moslima’s vertellen: „Het is een ontwikkeling naar perfectie”. Een zomerse middag op een Gronings terras: korte rokjes, topjes. Was dit een Arabisch land, dan zouden mannen hiervoor gewaarschuwd worden, zegt Sarah (35), een Nederlandse arabiste die zich een aantal jaren geleden tot de Islam bekeerde. Ze wil liever niet met haar achternaam in de krant, omdat ze niet wil dat haar uitspraken bekend worden op haar werk. Op Arabische websites, zegt Sarah, worden moslimmannen ’s zomers opgeroepen tot de djihaad van de ogen’: bij al die schaarsgeklede vrouwen kunnen ze hun blik maar beter op de grond gericht houden.

Het wegkijken van vrouwelijk schoon wordt, net als bijvoorbeeld het op tijd verrichten van de vijf dagelijkse gebeden en het bedwingen van geldzucht, gezien als een uiting van djihaad al-nafs’. Volgens Sarah is dit „een djihaad van de ziel, een inspanning om het slechte in jezelf tegen te gaan en te streven naar het goede”. De moslimgeleerde Al-Ghazali, auteur van het boek ’De redder uit de dwaling’, beschreef al aan het begin van de twaalfde eeuw zijn ideeën hierover. De menselijke natuur heeft, volgens hem, een dierlijke kant gericht op de bevrediging van de passies. Moslims moeten daar tegen strijden, met het verstand dat ze van God hebben gekregen. Door deze interne, spirituele worsteling onderwerpt de moslim zijn natuurlijke hartstochten. Hij reinigt zijn ziel en komt dichter bij God.

Ik zie het als een strijd tegen mijn negatieve eigenschappen”, zegt Sarah. „Een ontwikkeling naar perfectie. Het gaat erom dat ik mijn eigen onhebbelijkheden overwin en de puntjes op de i zet. Aan het einde van iedere dag kijk ik kritisch terug op mijn handelingen en overdenk ik de dingen die ik tegen anderen heb gezegd. Zo ga ik na of ik iedereen juist heb behandeld.”

In de Islamitische wereld is de djihaad al-nafs’, de inspanning tegen de aardse driften, een actueel begrip. Vooral binnen het soefisme, de mystieke tak van de Islam, bewandelen moslims deze weg op zoek naar God. Maar ook voor soennieten, de grootste Islamitische stroming, maakt onderdrukking van de lusten deel uit van het dagelijks leven, vooral tijdens de vastenmaand Ramadan. Niet alleen houden moslims dan, zolang de zon aan de hemel staat, de neiging van het lichaam naar voedsel en water in bedwang, ook op het gebied van seksualiteit verwacht de Islam een dergelijke beheersing.

Dat Ramadan dus om méér gaat dan niet eten en drinken, weten veel mensen niet, zegt Els Fongers (47). „Het gaat ook om spiritueel vasten: aardig zijn tegen mensen, ruzies bijleggen, stilstaan bij de strijd tegen de lusten, dat soort dingen.” Ook Els Fongers is een Nederlandse die al geruime tijd moslim is. Ze noemt djihaad al-nafs een ’onderdeel van het leven’. „Maar uiteindelijk is het ook bedoeld voor het leven na dit leven. De mens is zwak en heeft moeite om op het rechte pad te blijven. Maar God heeft ons een geweten en verstand gegeven, waardoor we ons onderscheiden van dieren en we verleidingen kunnen overwinnen. Zo kunnen we uiteindelijk het paradijs binnentreden.

Maar het is soms moeilijk om het goede te blijven doen, knikt Sarah. In haar werk heeft ze met probleemjongeren te maken. Sommige moslimjongens vertellen haar hoe graag ze het goede willen doen, maar ook hoe moeilijk het is om de iPods en nieuwste mobieltjes waarvoor eigenlijk geen geld is, te laten liggen. Voor Saida Ouali, die in 1981 op haar veertiende uit Marokko naar Nederland emigreerde, betekent de djihaad al-nafs dat ze niet te vaak nieuwe kleding koopt, en dat ze niet overmatig eet. In Nederland heeft de djihaad al-nafs voor haar nog een andere kant gekregen: „Als mijn collega’s na het werk naar een café gaan om wat te drinken ga ik niet mee. Sommigen weten dat een moslim geen alcohol mag. Dan zeggen ze: ’maar je kunt toch ook sinaasappelsap drinken?’. Maar ze begrijpen dan niet dat ik moeder ben en moslima, en dat daar bepaalde verantwoordelijkheden bij horen.

Een bevrijding uit ’de greep van lust en agressiviteit’, noemde Al-Ghazali de djihaad al-nafs. Dat woord ‘djihaad’ kennen we tegenwoordig vooral van de ’heilige oorlog’ die sommige moslims voeren. Toch is die fysieke strijd volgens een overlevering over de Profeet Mohammed niet de belangrijkste: ’We keren van de ’kleine’ djihaad terug naar de ’grote’ djihaad, een moeilijker en zeer belangrijke inspanning om de kwade krachten in onszelf en in onze eigen maatschappij te overwinnen in alle aspecten van het dagelijks leven.’

In deze overlevering komt Mohammed terug van een strijd tegen zijn vijanden, maar noemt dat een ’kleine strijd’, die minder van belang is dan de worsteling om aan de kwade krachten in onze natuur te ontkomen. De externe strijd moet het afleggen tegen onze interne strijd. Alhoewel de authenticiteit van deze overlevering ter discussie staat, is de boodschap ervan voor de drie vrouwen niet minder belangrijk. Voor Sarah vormt de externe djihaad geen onderdeel van de beleving van haar religie, zegt ze. „De grote djihaad zie ik als een opdracht van God, de kleine djihaad is geen opdracht. Ook niet als die met de pen wordt gevoerd. Sommige moslims vinden dat de Islam in het Westen zo negatief wordt belicht, dat het voelt alsof ze telkens worden aangevallen. Ze zien het daarom als plicht om de islam te verdedigen. Persoonlijk heb ik die drang niet. Daar wil ik zelfs helemaal niet aan. Iets goeds hoef je niet te promoten.

Ook Els Fongers en Saida Ouali vinden het lastig om een verband te leggen tussen de kleine en de grote djihaad. Het zijn voor hen twee wezenlijk verschillende begrippen, die eenzelfde naam dragen. Toch kunnen ze de frustratie van moslims goed begrijpen. „De kleine djihaad voeren mag niet”, zegt Ouali. „Maar de boosheid en de wanhoop over het onrecht dat moslims wordt aangedaan en het onbegrip in het Westen over de Islam, is bij sommigen zo groot dat ze geen andere oplossing zien. Ze willen zichzelf verdedigen.”

Jezelf verdedigen mag wél, zegt Els Fongers. „Dat is een deel van het geloof.” Maar in een gewapende strijd zien de vrouwen zelf niets, benadrukken ze. „Na elf september 2001 werd ik ineens opgebeld door vrienden”, zegt Fongers verontwaardigd. „Ze wilden even checken hoe ik nou dacht over de aanslagen. Alsof ik geweld zou goedkeuren, omdat ik moslim ben en die aanslagen in naam Allah zouden zijn gepleegd!” Ze wordt er moe van, zegt Fongers, dat haar voortdurend gevraagd wordt een standpunt in te nemen tegen de geweldpleging uit naam van haar geloof. Waar Fongers en Saida Ouali, hoewel ze er afstand van nemen, zich nog wel kunnen inleven in de frustratie van moslims die naar wapens grijpen, houdt Sarah zich afzijdig: „Dit gaat allemaal een beetje langs me heen. Misschien kan het me gewoon niet zoveel schelen wat mensen van mij vinden. Ik ervaar nooit problemen omdat ik moslim ben.

De vrouwen hebben de indruk dat het steeds belangrijker wordt om jezelf te presenteren als moslim, omdat de tegenstelling gezocht wordt tussen ’wij’ en ’zij’. Om een ’wij’ te vinden, verdiepen moslimjongeren zich tegenwoordig veel meer in de Islam dan vroeger. „De eerste generatie moslims hier in Nederland gaat heel anders met geloof om dan de jongeren”, zegt Ouali.  „Wij bestudeerden de Koran niet, maar mijn broer, die veel jonger is dan ik, doet dat wel. Hij leest de Koran en de hadieth (tradities over de Profeet Mohammed, red.). Jongeren zijn nu veel bewuster moslim.”

Bewust bezig zijn met je geloof, weten wat het inhoudt en wat het van je verwacht, dat is óók djihaad al-nafs. En de vrouwen hopen dat radicale moslims de neiging om geweld te gebruiken zullen zien als een verleiding die ze moeten weerstaan. Hoe langer ze praten, hoe vaker de drie vrouwen tot de conclusie komen dat de worsteling om de vele verleidingen in het leven te weerstaan een strijd is die ieder mens voert, ongeacht zijn of haar geloof: christelijke priesters leven celibatair, en wie strijdt er tegenwoordig niet tegen overgewicht? En, zegt Sarah, je best doen om niet te roddelen is ook djihaad al-nafs.

Niet alleen moslims, maar ook niet-moslims en ook niet-gelovigen kijken kritisch naar zichzelf en proberen zo goed mogelijk te leven. Het is iets dat we allemaal vanaf onze geboorte meekrijgen binnen onze verschillende culturen”, zegt Els Fongers. De jihad al-nafs is niet alleen iets van de islam, besluiten de drie vrouwen eensgezind. Fongers: „Iedereen heeft zijn eigen zwakheden en iedereen moet leren daartegen te vechten.”

BRON: ‘www.elsevier.nl’

Advertenties

0 Responses to “• De echte djihaad is die tegen het beest in jezelf.”



  1. Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s




آلسلام عليكم ورحة آلله وبركاته

  • 2,037,662 مسلمين --> مؤمنين

Prikbord Info:               سورة الفا تحة

سْمِ اللهِ الرَّحْمنِ الرَّحِيمِِ 1 الْحَمْدُ للّهِ رَبِّ الْعَالَمِينَ 2 الرَّحْمـنِ الرَّحِيمِ 3 مَالِكِ يَوْمِ الدِّينِ 4 إِيَّاكَ نَعْبُدُ وإِيَّاكَ نَسْتَعِينُ 5 اهدِنَـــا الصِّرَاطَ المُستَقِيمَ 6 صِرَاطَ الَّذِينَ أَنعَمتَ عَلَيهِمْ غَيرِ المَغضُوبِ عَلَيهِمْ وَلاَ الضَّالِّينَ 7
أمين
كلمة الله هي الحقيقة
colorbar.gif
GASTENBOEK - HELPDESK - Wie ben ik?
  Aanmelden - Registreren
  Wachtwoord  vergeten ?

Kalender

juli 2007
M D W D V Z Z
« Jun   Sep »
 1
2345678
9101112131415
16171819202122
23242526272829
3031  

Bezoekers Info: Locaties.

Locaties: DEEL I - DEEL II.

Thalla & Beslama!!!

                لآ إله
إلآ آلله محمد رسول آلله

بن عياد محمد رشيد
www.BenAyad.be - Islam & Actua

%d bloggers liken dit: